Beschrijving
Het stormde!
De bomen kreunden, het gras lag plat, de biezen bogen zich ruisend naar het golvende water.
De plas was vernaderd in een woedende zee.
Witte schuimkoppen staken af tegen het dreigend zwart van de boog opgezweepte golven. En omhoog, als in een wanorde vluchtend leger, joegen sliertige wolken in pijlsnelle vaart over het woedend geweld. De storm raasde over de dijk en beukte tegen het eenzame huisje, zodat het kraakte in haar voegen. Hij ramde de deur en rukte aan de luiken, zodat ze knarsend verschoven in de scharnieren. Hij schoot fluitend langs het pannendak, zoekend naar een zwakke plek in de kleine vesting, om brullend iets te vernielen. Hij omringde het schamele geval met zijn gehuil, maar het weerstond zijn felle aanvallen. Ongenaakbaar, net als de bewoner zelf.
Zwarte Hein, zo werd hij genoemd.
Wie is Zwarte Hein? Wat doet hij buiten in de storm aan het woeste water?
Een verhaal over geheimen uit het verleden, over pijn en verdriet, maar ook over hoop!





